DENIM AND JEANS

Image
"I wish I had invented blue jeans. They have expression, modesty, sex appeal, simplicity - all I hope for in my clothes"
Yves Saint Laurent

THE HISTORY OF DENIM

De naam Denim komt van de naam van de stevige stof genoemd Serge, deze stof is gemaakt in Nimes, Frankrijk. Oorspronkelijk luidde de naam van de stof: Serge de Nimes. Na een tijdje is deze naam verbasterd naar Denim. Het hedendaagse gebruik van het woord ‘jeans’ komt voort uit het Franse woord voor Genoa, een plaats in Italie. Hier zijn de eerste broeken van de Denim stof gemaakt.
H. D.  Lee himself
In het jaar 1850 verkocht de Duitse immigrant Levi Strauss convectie aan mijnwerkers in Californie, rond deze tijd was er de zogenaamde ‘Gold Rush’. De mijnwerkers hadden stevige en beschermende kleding nodig met een lange levensduur. De eerste broek die Strauss had ontwikkelt was gemaakt van een gewoven katoen stof, de stof droogde snel en had een verkoelend effect wanneer het warm was.
Vroeger werden Denims ook wel overalls genoemd, dit was tot ongeveer 1960. Deze Denims werden voornamelijk gedragen door mijnwerkers en cowboys. De sterke Denim stof zorgde ervoor dat de broeken een lange levensduur hadden en dus perfect voor arbeiders. Ondanks dit, klaagden de meeste arbeiders vaak over dat de broeken scheurden op zwakke plaatsen, bijvoorbeeld bij de broekzakken. Om de broeken sterker te maken begon Strauss met het gebruiken van klinknagels (rivets), dit zijn de kleine ronde metalen nopjes die de stof van een jeans op kruispunten bij elkaar houdt. Deze klinknagels zijn uitgevonden door Jacob Davis, een tailor uit Reno, Nevada. Deze klinknagels hielden de stof bij elkaar en de broeken scheurden dus minder snel. Op 20 Mei 1873 vroegen Strauss en Davis een patent aan op de klinknagels. Dit moment en deze datum wordt gezien als de dag waarop de jeans is geboren.

Origineel zaten er ook klinknagels bij het kruis, maar deze is later weg gehaald. De reden hiervoor is dat cowboys vaak s’avonds zich opwarmden bij het kampvuur, als ze te dicht bij het vuur kwamen werd het metaal van de klinknagels erg heet en gaf dit een oncomfortabel gevoel. In 1941 werd er geen gebruik meer gemaakt van een klinknagel bij het kruis.

In 1890 verliep het patent op de klinknagels en kon elk bedrijf er gebruik van gaan maken. Een van deze bedrijven was handels onderneming H.D. Lee uit Salina, Kensas. Het bedrijf was origineel een distributie groothandel voor boodschappen. In 1912, ontevreden met de kwaliteit van de werkkleding besloot Lee om zelf een fabriek te openen waar overalls en jassen gemaakt werden. De union-all (overall) werd geïntroduceerd in 1913. Het succes van deze overall leed ertoe dat Lee fabrieken kon openen door heel Amerika om hier producten te ontwikkelen die de kwaliteit en draagbaarheid van kleding zou verbeteren. In 1920 introduceerde hij bijvoorbeeld de rits, dit was het grootste succes.
old lee ad
De filmindustrie heeft altijd grote invloed gehad op kleding. Populariteit van westerns zorgt in de dertiger jaren voor een groeiende vraag naar de jeans zoals de cowboys die dragen. Gedurende de Tweede Wereldoorlog loopt de productie weer wat terug maar worden jeans wel geïntroduceerd in Europa. Amerikaanse GI’s droegen jeans buiten dienst en verrijkten onbewust het Europese straatbeeld.

In 1950 kwam de echte explosie van vraag naar Denim. Dit kwam door films als ‘Rebel without a cause’ met James Dean in de hoofdrol en ‘The wild one’ met Marlon Brando. De jeans werd een symbool voor de rebelse tiener. Deze vraag bleef groeien door de jaren 1960 en 1970 heen, elke subcultuur adopteerde jeans in de kledingstijl. Vandaag de dag is het moeilijk om een kledingstuk te noemen dat geliefder is dan de vertrouwde jeans.
mr cool, james dean

INDIGO DENIM

Indigo is een kleur vernoemt naar de natuurlijke kleurstof indigo, welke gewonnen wordt uit de planten familie indigofera. In Indonesië wordt het al eeuwen gebruikt als kleurstof voor batik.

Indigo wordt van oudsher ook gebruikt om denim te kleuren. Doordat de kleurstof maar moeilijk hecht aan katoenvezels krijg je de zo kenmerkende slijtage waarbij de witte kern van de vezel steeds beter zichtbaar wordt. Vandaar dat de echte die hards denim nooit wassen.
Image
Image
"I want to die with my blue jeans on"
Andy Warhol

SELVEDGE

Image
Het Engelse woord selvage, ook wel selfedge staat voor het gestikte einde van een stof. Deze selvedges zorgen ervoor dat de stof niet gaat rafelen aan de onderkant.

In de jaren 1800 werd de stof denim geproduceerd in weefmolens. De stoffen hier werden geproduceerd voor groothandelaren of fabrikanten van kleding. Om apart te houden welke stof naar welke fabrikant ging werden er per fabrikant verschillende kleuren selvedges gebruikt. De selvedge denims zijn gemaakt op speciale weefgetouwen, deze weefgetouwen creëren een strakkere en dichter bij elkaar gewoven stof, hierdoor voelt de denim veel steviger.

Bij het gebruik van oudere selvedge weefmolens worden er inconsistenties gecreëerd omdat elke denim zijn eigen unieke kenmerken krijgt. Je kunt een selvedge jeans herkennen door simpelweg te kijken naar de binnenkant van de uit zoom

DENIM DICTIONARY

Image
A

COIN POCKET |noun| /koin pŏkĭt/

Het kleine broekzakje wat zich in de rechter voorzak bevindt. Deze wordt ook wel het horloge, lucifer of het vijfde broekzakje genoemd. Geïntroduceerd rond 1890 had het een functionele bedoeling. Dus niet alleen voor kleingeld.

B

SHANK BUTTON |noun| /shăngk bŭt’n/

Dit is de voornaamste knoop op een knoopgulp. Vaak staat op deze knoop het logo of de naam van het merk waar de denim van is. Voordat deze knoop werd geïntroduceerd werd er gebruik gemaakt van de Donut-knoop, deze knoop was de standaard op jeans.

C

BUTTON FLY |noun| /bŭt’n flai/

Dit is een verticale rij aan knopen die ervoor zorgen dat de jeans dichtgemaakt kan worden. Met de rits als jonger alternatief en concurrent is er het debat ontstaan onder denim fans tussen de ‘old school’ of de ‘new wave’ manier.

D

RIVET |noun| /rĭvĭt/

De spijkers in de spijkerbroek. Ze ondersteunen de zwakkere plaatsen in de jeans en voorkomen dat je jeans op die plaatsen scheurt wanneer je beweegt.

E

INSEAM |noun| /ĭnsēm/

Dit is de zoom die aan de binnenkant van je been loopt, deze begint bij het kruis en loopt door tot het uiteinde van je broekspijp. Aan de hand van de lengte van deze zoom wordt de lengtemaat van de jeans bepaalt. Deze maat is aan de binnenkant van de jeans te vinden naast de ‘X’, het getal links van de ‘X’ geeft de maat van de broekband aan.

F

BACK YOKE |noun| /băk yōk/

Een V-naad aan de achterkant die in grote mate de pasvorm bepaald van de jeans in kwestie. Als deze al aanwezig is kan de vorm ook nog eens verschillen, afhankelijk van wat nodig is.

G

LABEL |noun| /lābl/

Aan de achterkant te vinden en meestal voorzien van de merknaam en het logo. Het eerste label was van Levi’s (1886), op dit label zag je twee paarden die een jeans uit elkaar probeerden te trekken. Strauss geloofde dat dit een goede manier was om de kwaliteit en de lange levensduur van de jeans te benadrukken, ook voor klanten die geen Engels spraken was dit begrijpbaar.

H

BELT LOOP |noun| /bĕlt lōōp/

Lusjes zodat je riem op de juiste plek zit en daar ook blijft. Waar riemen en dus ook de riemlusjes vroeger puur voor decoratie in het leger waren is dat nu wel anders.

WOMEN'S JEANS

MEN'S JEANS